De kracht van mythen en symbolen
Mythen als dragers van ervaring
Wanneer we het woord mythe horen, denken we vaak aan sprookjes of verzinsels. Alsof mythe en waarheid elkaar uitsluiten. Maar mythen zijn iets anders. Ze vertellen niet wat gebeurd is, maar wat zich steeds opnieuw voltrekt in het menselijk bestaan. Ze dragen ervaringen die gewone taal vaak niet kan vatten. Het is geen geschiedschrijving, maar ze brengen diepe inzichten over.
Mythen komen overal voor: in oude culturen en moderne verhalen, in religie, literatuur en film. Ze raken iets dat we herkennen, zelfs als hun vorm vreemd is.
Joseph Campbell zag mythen niet als overblijfselen uit een voorwetenschappelijk tijdperk, maar als spiegels: tijdloos en universeel. Mensen herkennen zichzelf in die verhalen, zonder dat het direct over henzelf lijkt te gaan. Niet alleen de details zijn belangrijk, maar vooral de beweging: een reis, een strijd, een overgang naar iets nieuws of een andere fase.
De vragen die mythen oproepen zijn eenvoudig en toch onuitputtelijk: wie ben ik, waar kom ik vandaan, waar ga ik naartoe, hoe verhoud ik me tot lijden en verlies? Antwoorden geven ze niet, maar ze scheppen beelden en richtingen die ons helpen iets te ordenen dat anders diffuus blijft.
Symboliek en de weg van de held
De reis van Odysseus, het levensverhaal van Gilgamesj, de strijd van Arjuna, de uittocht uit Egypte — het zijn geen handleidingen, maar manieren om ervaringen te verbeelden die zich moeilijk laten vangen. Symbolen spelen daarbij een centrale rol. De mythe vertelt het verhaal, de symbolen geven het vorm: de draak, het labyrint, een woestijntocht of het oversteken van water. Ze spreken zonder uitleg, maar wie ze ervaart, voelt hun betekenis
Campbell beschreef het patroon van de heldenreis: iemand verlaat het vertrouwde, wordt geconfronteerd met beproevingen, ontmoet helpers en keert gerijpt terug. Dit patroon zien we overal, van Odysseus tot Luke Skywalker, van Parsifal tot Harry Potter. Ieder mens heeft zijn eigen reis en is zijn eigen held. Mythische helden laten zien dat het waardevol is de uitdagingen van het leven aan te gaan en als mens te groeien.
Symboliek en psyche
Ook Carl Gustav Jung hechtte grote waarde aan symbolen en aan hun betekenis voor de mens. Voor Jung waren symbolen geen culturele versieringen, maar uitdrukkingen van innerlijke processen. Zij vormen een brug naar het collectief onbewuste: een diepere laag van de psyche die alle mensen gemeen hebben. Dat is van belang, omdat een groot deel van wat wij denken, voelen en doen wordt gestuurd door processen waarvan wij ons niet bewust zijn.
In het collectief onbewuste bevinden zich archetypen: oerbeelden, universele en aangeboren patronen in de menselijke psyche die bepalen hoe wij ervaringen structureren en beleven. Bekende archetypen zijn bijvoorbeeld de held, de schaduw, de wijze en de moeder. Ze zijn niet direct zichtbaar, maar oefenen wel invloed uit op ons gedrag, onze emoties en onze keuzes. Zolang deze patronen onbewust blijven, herhalen we ze automatisch, reageren we overdreven en projecteren we ze op anderen.
Wanneer we die patronen bij onszelf herkennen, kunnen we er meer afstand van nemen en er bewuster mee omgaan. Archetypen en symbolen spelen daarin een sleutelrol. Zij verschijnen in dromen, sprookjes en mythische verhalen en reiken ons iets aan waardoor je je bewust kunt worden van je onbewuste patronen. Symboliek is daarmee een taal die het onbewuste verbindt met het bewuste.
Innerlijke transformatie
Mythen en symbolen laten innerlijke bewegingen zien: conflicten, groei, het spanningsveld tussen licht en donker dat ieder mens kent. Binnen de vrijmetselarij werken we met dezelfde symbolische taal. Niet om iets uit te leggen, maar om iets te laten gebeuren. Onze rituelen bijvoorbeeld spreken niet het verstand aan, maar een diepere laag van ervaring. Ze nodigen uit tot participatie, niet tot analyse. Symbolische beelden zoals het bouwen van een tempel, het betreden van onbekend terrein of de overgang van duisternis naar licht, zijn open. Wat iemand ervaart, verschilt. Wat blijft hangen, ook.
Misschien ligt hierin de kracht van mythen en symbolen: ze bieden geen kant-en-klare antwoorden. Ze openen een ruimte waarin betekenis kan ontstaan — soms pas later merkbaar. Wie te snel met het verstand wil begrijpen, mist vaak wat er werkelijk gebeurt. De waarde ligt niet in het weten, maar in het ervaren van wat er innerlijk resoneert.

Referenties:
De held met de duizend gezichten, Joseph Campbell, Kosmos uitgevers, 1993
De mens en zijn symbolen, Carl G. Jung, Lemniscaat, 2000
Bron: Loge Spectrum te Amersfoort